Extremisten Noord-Mali graven zich in

(Novum/AP) – Diep in grotten verscholen, in afgelegen kampementen in de woestijn en op de hellingen en kliffen van Noord-Mali graven islamitische strijders zich in. Zij bouwen aan geduchte verdedigingswerken ter bescherming van wat in essentie het nieuwe land van Al-Qaida is geworden.

Met bulldozers en graafmachines, achtergelaten door op de vlucht geslagen bouwvakkers, wordt volgens bewoners van het gebied gewerkt aan een uitgebreid netwerk van tunnels, loopgraven en bolwerken. In een grot liggen honderd vaten benzine opgeslagen, zodat ook de brandstofvoorraad in geval van een buitenlandse interventie op orde is.

Noord-Mali is nu het grootste gebied dat in handen van Al-Qaida en diens bondgenoten is. Terwijl de internationale gemeenschap aarzelt om in te grijpen en een militaire interventie op zich laat wachten, bereiden de opstandelingen zich voor op oorlog.

De Afrikaanse tak van Al-Qaida is jarenlang niet meer dan een schimmige aanwezigheid in de bossen en woestijnen van Mali geweest. De afgelopen maanden heeft het terreurnetwerk handig gebruik gemaakt van de politieke instabiliteit in het land door steden in te nemen en een territorium ter grootte van Frankrijk af te bakenen waar het zich kan voorbereiden op de wereldwijde jihad.

De militaire staatsgreep in Mali in maart was de katalysator voor de gebeurtenissen in het noorden van het land. In de maanden daarna veranderde Mali van een stabiel land in een mislukte staat.

Strijders met tulbanden hebben nu alle belangrijke steden in het noorden in handen. Zoals de Taliban in Afghanitan hanteren zij hun eigen rechtsregels, die gepaard gaan met gruwelijke straffen, zoals het afhakken van lichaamsdelen en het kastijden van vrouwen. Zeven graftombes die op de werelderfgoedlijst van Unesco stonden overleefden de vernielzucht van de radicalen niet.

Het gebied dat de extremisten in handen hebben bestaat overwegend uit woestijn en is schaars bevolkt. Juist vanwege deze barre omstandigheden kan het verdrijven van de opstandelingen een zwaardere taak blijken dan de oorlog in Afghanistan. Al-Qaida in de Islamitische Maghreb opereert in een grote reep land in het noorden van de Sahel. Deze zevenduizend kilometer lange strook land kruist vrijwel het hele continent. “Er is geen indammingsstrategie voor de Sahel”, zegt Peter Pham, Afrika-deskundige en adviseur van het Amerikaanse leger.

Eerder dit jaar kwam het West-Afrikaanse samenwerkingsverband Ecowas tot een akkoord voor een militaire interventie om de opstandelingen uit Noord-Mali te verdrijven. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties stemde in met het plan, maar stelde ook enkele voorwaarden. Volgens diplomaten is het niet waarschijnlijk dat een interventie voor september 2013 van start gaat.

Genoeg tijd voor de radicalen om zich voor te bereiden. “Op de achterkant van hun auto’s monteren ze een soort buizen”, zei een jonge man in Gao. Het lijkt erop dat ze hun terreinwagen hiermee geschikt maken voor het lanceren van raketten. Een andere inwoner van Gao wist te melden dat hier en daar schuttersputjes zijn gegraven.

De Al-Qaida-tak is een van de drie radicale bewegingen die in Noord-Mali actief zijn. De Beweging voor Eenheid en Jihad in West-Afrika, MUJAO, opereert vanuit Gao, terwijl Ansar Dine in Kidal zetelt. Desondanks is er veel overlap tussen de verschillende bewegingen en kunnen alledrie worden gezien als aanhanger, of zelfs takken, van Al-Qaida.

Op diverse strategische plekken zijn bases opgericht. De inwoner van Gao vertelde dat hij twintig dollar – enkele keren een normaal dagloon – geboden kreeg om stenen en puin te ruimen en loopgraven aan te leggen.

In Gao is diverse malen de eenogige emir Moktar Belmoktar gezien. Hij is de leider van een Al-Qaida-groepering die met ontvoeringen aan haar geld kwam. In de jaren tachtig reisde Belmoktar, Algerijn van geboorte, naar Afghanistan en kreeg hij trainingen in een kamp van Osama bin Laden in Jalalabad.

“We beschouwen dit land als ons land”, zei Oumar Ould Hamaha, woordvoerder van Belmoktar. “Het is een islamitisch gebied. Momenteel opereren we in Mali. Als ze ons bombarderen, slaan we overal terug.”

In Timboektoe breiden de opstandelingen hun troepenmacht uit. Op oudere legerbases hebben zij grote voorraden Russich wapentuig gevonden, zei Hamaha. Daaronder zouden ook raketten zijn om vliegtuigen uit de lucht te halen. Ook beschikken zij over wapens uit de arsenalen van de vroegere Libische leider Moammar Gadhafi.

(Novum/AP) – Diep in grotten verscholen, in afgelegen kampementen in de woestijn en op de hellingen en kliffen van Noord-Mali graven islamitische strijders zich in. Zij bouwen aan geduchte verdedigingswerken ter bescherming van wat in essentie het nieuwe land van Al-Qaida is geworden.

Met bulldozers en graafmachines, achtergelaten door op de vlucht geslagen bouwvakkers, wordt volgens bewoners van het gebied gewerkt aan een uitgebreid netwerk van tunnels, loopgraven en bolwerken. In een grot liggen honderd vaten benzine opgeslagen, zodat ook de brandstofvoorraad in geval van een buitenlandse interventie op orde is.

Noord-Mali is nu het grootste gebied dat in handen van Al-Qaida en diens bondgenoten is. Terwijl de internationale gemeenschap aarzelt om in te grijpen en een militaire interventie op zich laat wachten, bereiden de opstandelingen zich voor op oorlog.

De Afrikaanse tak van Al-Qaida is jarenlang niet meer dan een schimmige aanwezigheid in de bossen en woestijnen van Mali geweest. De afgelopen maanden heeft het terreurnetwerk handig gebruik gemaakt van de politieke instabiliteit in het land door steden in te nemen en een territorium ter grootte van Frankrijk af te bakenen waar het zich kan voorbereiden op de wereldwijde jihad.

De militaire staatsgreep in Mali in maart was de katalysator voor de gebeurtenissen in het noorden van het land. In de maanden daarna veranderde Mali van een stabiel land in een mislukte staat.

Strijders met tulbanden hebben nu alle belangrijke steden in het noorden in handen. Zoals de Taliban in Afghanitan hanteren zij hun eigen rechtsregels, die gepaard gaan met gruwelijke straffen, zoals het afhakken van lichaamsdelen en het kastijden van vrouwen. Zeven graftombes die op de werelderfgoedlijst van Unesco stonden overleefden de vernielzucht van de radicalen niet.

Het gebied dat de extremisten in handen hebben bestaat overwegend uit woestijn en is schaars bevolkt. Juist vanwege deze barre omstandigheden kan het verdrijven van de opstandelingen een zwaardere taak blijken dan de oorlog in Afghanistan. Al-Qaida in de Islamitische Maghreb opereert in een grote reep land in het noorden van de Sahel. Deze zevenduizend kilometer lange strook land kruist vrijwel het hele continent. “Er is geen indammingsstrategie voor de Sahel”, zegt Peter Pham, Afrika-deskundige en adviseur van het Amerikaanse leger.

Eerder dit jaar kwam het West-Afrikaanse samenwerkingsverband Ecowas tot een akkoord voor een militaire interventie om de opstandelingen uit Noord-Mali te verdrijven. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties stemde in met het plan, maar stelde ook enkele voorwaarden. Volgens diplomaten is het niet waarschijnlijk dat een interventie voor september 2013 van start gaat.

Genoeg tijd voor de radicalen om zich voor te bereiden. “Op de achterkant van hun auto’s monteren ze een soort buizen”, zei een jonge man in Gao. Het lijkt erop dat ze hun terreinwagen hiermee geschikt maken voor het lanceren van raketten. Een andere inwoner van Gao wist te melden dat hier en daar schuttersputjes zijn gegraven.

De Al-Qaida-tak is een van de drie radicale bewegingen die in Noord-Mali actief zijn. De Beweging voor Eenheid en Jihad in West-Afrika, MUJAO, opereert vanuit Gao, terwijl Ansar Dine in Kidal zetelt. Desondanks is er veel overlap tussen de verschillende bewegingen en kunnen alledrie worden gezien als aanhanger, of zelfs takken, van Al-Qaida.

Op diverse strategische plekken zijn bases opgericht. De inwoner van Gao vertelde dat hij twintig dollar – enkele keren een normaal dagloon – geboden kreeg om stenen en puin te ruimen en loopgraven aan te leggen.

In Gao is diverse malen de eenogige emir Moktar Belmoktar gezien. Hij is de leider van een Al-Qaida-groepering die met ontvoeringen aan haar geld kwam. In de jaren tachtig reisde Belmoktar, Algerijn van geboorte, naar Afghanistan en kreeg hij trainingen in een kamp van Osama bin Laden in Jalalabad.

“We beschouwen dit land als ons land”, zei Oumar Ould Hamaha, woordvoerder van Belmoktar. “Het is een islamitisch gebied. Momenteel opereren we in Mali. Als ze ons bombarderen, slaan we overal terug.”

In Timboektoe breiden de opstandelingen hun troepenmacht uit. Op oudere legerbases hebben zij grote voorraden Russich wapentuig gevonden, zei Hamaha. Daaronder zouden ook raketten zijn om vliegtuigen uit de lucht te halen. Ook beschikken zij over wapens uit de arsenalen van de vroegere Libische leider Moammar Gadhafi.

[Copyright 2012 Novum/AP]