Woonlast grote gemeenten stijgt ‘zeer beperkt’

Foto: ANP

Wie in een huurhuis woont in een van de grote Nederlandse gemeenten betaalt dit jaar gemiddeld 1 euro (0,3 procent) meer aan lokale lasten (329 euro). Mensen die wonen in een koophuis zijn gemiddeld 4 euro (0,6 procent) duurder uit en betalen zo’n 677 euro. Dat is veel minder dan de inflatie die in 2018 naar verwachting uitkomt op 1,6 procent, blijkt uit een onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen.

Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) van de universiteit onderzocht voor het jaarlijkse overzicht de tarieven van 38 grote gemeenten, waar in totaal 40 procent van de Nederlandse bevolking woont. Veel gemeentelijke belastingen en woonlasten stijgen volgens de onderzoekers dit jaar ,,zeer beperkt”.

De gemeentelijke woonlasten zoals ozb, rioolheffing en afvalstoffenheffing nemen voor een meerpersoonshuishouden in een koopwoning met gemiddeld met 4 euro (0,6 procent) toe tot 677 euro per jaar. Voor huiseigenaren in Den Haag zijn de lasten het laagst (546 euro). In Delft zijn ze met gemiddeld 843 euro het hoogst. Arnhem verlaagt de lasten het meest (2,3 procent ofwel 18 euro). in Apeldoorn nemen ze juist het meest toe: 4,7 procent, wat neerkomt op 32 euro.

Eigenaar-bewoners betalen in Zwolle het minst voor de rioolheffing (103 euro), in Zaanstad het meest (280 euro). Het gemiddelde ligt volgens COELO op 164 euro.

Het centrum stelt sinds 2002 elk jaar een overzicht samen van kerngegevens over de belastingen in de grote gemeenten. Onder grote gemeenten worden provinciehoofdsteden en gemeenten met ten minste 90.000 inwoners gerekend.