In de spotlight: alleenstaande vrouw, je schouders eronder en geld blijven tellen Pascale Rogaar

Pascale Rogaar
Pascale Rogaar
Foto: Privé

Geen geld hebben, en toch iets van het leven maken. Daar is Pascale Rogaar een groot voorbeeld van. Van huis uit had het gezin waarin Pascale is opgegroeid het financieel goed, maar toen ze op zichzelf ging wonen en trouwde, raakte ze in een neerwaartse spiraal. In het kader van het thema ‘Geld’ deze maand is de spotlight gericht op een vrouw die altijd elk baantje heeft aangepakt dat er maar was om zodoende voldoende geld bij elkaar te sprokkelen.

Ze trouwde een man met grote dromen die nooit uitkwamen. “Hij had moeizaamheden met zijn werk. Ik werkte als kapster, maar we hadden altijd weinig geld. Dan werd er weer iets geïnvesteerd wat niet goed ging, allemaal met goede bedoelingen, maar het werkte niet.  Ik dacht: het komt wel goed. Maar op een gegeven moment houdt het op. Je kan niet aan een dood paard blijven trekken. Ik ben gescheiden en op mezelf gaan wonen met drie kinderen. Ik kon het beter alleen doen.”

“Ik ben met mijn kinderen op kamers gaan wonen”

Pascale vond een nieuwe partner, die heel makkelijk was met geld uitgeven. “Dat was nieuw voor mij; kleding kopen, veel op pad gaan. Zo kan het dus ook, dacht ik. We gingen samenwonen in Duitsland en toen merkte ik dat er geld werd uitgegeven wat er niet was. Ik zat er weer middenin. Hij hield ook nog van andere vrouwen, dus toen heb ik mijn spullen gepakt. Ik ben met mijn kinderen op kamers gaan wonen, zo noemde we dat. Ik werkte toen als freelance accountmanager. Ook al hadden we niet veel geld, het waren twee geweldige jaren met elkaar. Het gevoel dat je je eigen keuzes maakt en zelf verantwoordelijk bent.”

Het is altijd Pascale haar doel geweest om voor haar kinderen te zorgen, zelfstandig te blijven en de vaste lasten te betalen. “Ik had poetsbanen, maakte kantoren schoon, werkte in de avonden in callcenters, verzin het maar, ik deed het, als er maar geld in het laatje kwam. In 2008 ben ik mijn eigen kapperszaak begonnen, maar een paar maanden later lag ik in het ziekenhuis met diabetes type 1. Dat was geen geweldige start. Ik lag twee weken in het ziekenhuis en had meteen hoge kosten, want de zaak moest wel blijven draaien. Ik ben daarna weer aan het werk gegaan en heb het 4,5 jaar weten vol te houden. Toen kon ik het privé en zakelijk niet meer betalen, mede door de recessie. Ik heb de zaak verkocht aan een collega.”

Er waren wat financiële naweeën door de verkoop, dus Pascale kreeg hulp van de schuldsanering. “Zo ben ik eruit gekomen. Ik ben meteen weer gaan werken bij verschillende bedrijven, front office werk, poetswerk, ik had soms drie banen tegelijk. Ik ben ook nog een opleiding makelaardij gaan doen. Ik vind het belangrijk om me te blijven ontwikkelen. Ik heb de studie zelf betaald, maar ik had geen geld voor het examen. Mijn zus zegt altijd tegen mij dat ik nooit klaag. En dat klopt ook. Er zijn natuurlijk ook momenten geweest dat ik het niet meer zag zitten, maar dan pepte mijn vriendin mij altijd weer op.”

“Iedereen kan een burn-out krijgen”

Dertien jaar geleden heeft Pascale een burn-out gekregen en is ze opgenomen in een kliniek. “Daar zat ook een bankdirecteur, mensen die gestudeerd hebben, een advocaat, een rechter, mensen die ambachtelijk werk deden. Toen realiseerde ik me: iedereen kan een burn-out krijgen, we zijn allemaal mens. De verschillen vielen weg in die kliniek, iedereen was doodop. We gingen daar allemaal door hetzelfde heen en we lachten en jankten met elkaar.”

Hoe gaat het nu met Pascale? “Het gaat veel beter. Ik werk 40 uur in de week bij een Shell tankstation en financieel gaat het ook goed. Het wordt allemaal wat stabieler. Ik blijf me wel ondernemer voelen, die onrust blijft wel, wat nu? Maar ik houd me rustig en weet ook: nu even geen nieuwe uitdagingen aangaan. Ik heb veel geleerd van al deze ervaringen. Wat er ook gebeurt, zet je schouders eronder. Kom je verplichtingen na, ben eerlijk naar je crediteuren, betaal je facturen,  en neem je verantwoordelijkheid voor wat er op je pad komt.”

Haar vader zei altijd: “Als er geen geld is, gaat de liefde langzaam de brievenbus uit”. “Als er geen geld is en je kan nooit eens wat leuks doen, hoe klein ook, dan houdt het plezier in het leven en de liefde ook op. Het hoeft niet groot te zijn, zoals een verre reis of een dure auto, maar gewoon een keer een pizza eten of wat Franse kaasjes halen op zaterdagavond. Dat doe ik, als ik bijvoorbeeld tien euro extra heb.”

“Je moet wel werken en wat doen voor je centen”

Haar kinderen hebben altijd te eten en te drinken gehad en zijn nooit iets tekort gekomen. “Ik zeg altijd: je moet wel werken en wat doen voor je centen. In de bijstand gebeurt er niets. Ik ben blij met mijn werk bij het tankstation, ook al is het niet wat ik graag had willen doen. Maar dit is het resultaat van mijn keuzes geweest. Ik krijg weleens de vraag: is dat niet te min voor jou, dat werk? Dan antwoord ik: ik verdien er mijn geld mee. Met een partner in je leven kan het financieel makkelijker zijn, want je deelt de lasten. Maar dat wil ik niet, die afhankelijkheid. Ik ben al 18 jaar alleen en ik heb er hard voor moeten vechten, maar ik heb nu een fijn appartement en alles wat hier staat, is van mij. Als ik zie hoe mijn kinderen zijn geworden en hoe ik ze begeleid heb, dan ben ik trots. Het zijn drie fijne volwassen mensen die goed nadenken en zelfstandig zijn.”