ASML koploper in hogere AEX

Foto: ANP

De Amsterdamse aandelenbeurs ging vrijdag licht vooruit. Elders in Europa lieten de beursgraadmeters een gemengd beeld zien. Beleggers hielden de blik gericht op de Verenigde Staten, waar de banken Wells Fargo en Bank of America met cijfers komen en de jongste inflatieramingen op het programma staan.

De AEX-index op Beursplein 5 klom in de ochtendhandel 0,5 procent tot 545,40 punten en noteerde daarmee op de hoogste stand van het jaar. De MidKap stond nagenoeg onveranderd op 829,08 punten. Parijs en Frankfurt wonnen 0,1 procent en Londen zakte 0,4 procent.

Sterkste stijger in de hoofdindex was staalfabrikant ArcelorMittal met een winst van ruim 2 procent. Chipmachinefabrikant ASML volgde met een plus van 1,9 procent, na een adviesverhoging door Exane. Hekkensluiter was ABN AMRO met een min van 0,7 procent.

DSM won 0,1 procent. Het speciaalchemiebedrijf kondigde een strategische samenwerking aan met het Amerikaanse Cerapedics. De twee bedrijven gaan samenwerken op het gebied van botherstel. Financiƫle details over de samenwerking werden niet vermeld.

In de MidKap bungelde luchtvaartcombinatie Air France-KLM onderaan met een verlies van meer dan 3 procent. Kunstmestproducent OCI ging aan kop met een plus van 1,6 procent.

ASR daalde 0,8 procent. De verzekeraar haalde 300 miljoen euro op met de plaatsing van obligaties. De leningen zijn voornamelijk geplaatst bij fondsen en verzekeraars in het Verenigd Koninkrijk, Nederland, Frankrijk en landen in het noorden van Europa.

In Frankfurt klom Bayer ruim 1 procent. Het Duitse chemieconcern verkoopt voor bijna 6 miljard euro aan activiteiten op het gebied van landbouwbestrijdingsmiddelen en zaden aan branchegenoot BASF (min 0,6 procent). Bayer verkoopt de activiteiten om goedkeuring te krijgen voor de geplande overname van de Amerikaanse zadenhandelaar Monsanto.

Man Group steeg 3,6 procent in Londen, na sterke kwartaalresultaten van het Britse hedgefonds. Ook gaat het bedrijf voor 100 miljoen dollar aan eigen aandelen inkopen.

De euro was 1,1825 dollar waard, tegen 1,1845 dollar een dag eerder. Een vat ruwe Amerikaanse olie steeg 1,4 procent in prijs tot 51,32 dollar. Brentolie werd 1,5 procent duurder op 57,08 dollar per vat.