Stichting SeniorenStudent koppelt eenzame senioren en studenten aan elkaar

Anne van Oudheusden
Anne van Oudheusden
Foto: Stichting SeniorenStudent

Nederland telt 3,1 miljoen 65-plussers. Rond de 900.000 mensen hiervan voelt zich weleens eenzaam. Genoeg reden voor de zusjes Anne en Lotte van Oudheusden van Stichting SeniorenStudent om hier iets aan te doen. Deze week start de Week van de Eenzaamheid, maar voor hun staat eenzaamheid 365 dagen per jaar op de agenda. Anne: “Eenzaamheid is momenteel een van de grootste sociale problemen, waaruit andere problemen voortvloeien. Niet alleen onder ouderen, maar ook onder jongeren.”

Toen Anne en Lotte zelf nog student waren, zijn ze een oppasnetwerk in Amsterdam begonnen. Dat liep zó goed, dat ze al snel twee andere diensten gingen leveren. Uiteindelijk zijn ze hun bedrijf Careibu gestart, dat bestaat uit OppasStudent, PoetsStudent en SeniorenStudent. Inmiddels hebben ze meer dan 25.000 studenten in hun netwerk. “Wij zijn een sociale onderneming en stelden onszelf de vraag: hoe kunnen we de wereld een beetje mooier maken?” Die vraag was de aanleiding om in 2014 de Stichting SeniorenStudent op te richten. Ze wilden naast hun betaalde diensten ook vrijwillige diensten gaan aanbieden. “Wij werden vaak gebeld of we senioren ook onbetaald konden helpen, omdat ze van een AOW moeten rondkomen. We wilden niet telkens ‘nee’ verkopen.”

“Ouderen hebben veel levenservaring”

Wat Anne vooral opvalt, is dat er weinig contact is tussen studenten en ouderen. Zij wil graag jong en oud bij elkaar brengen, omdat ze het gevoel heeft dat ze elkaar veel kunnen bieden. Zodoende is het project ‘Jong+Oud=Goud’ ontstaan, waarbij studenten in de steden Amsterdam, Utrecht en Rotterdam een jaar lang aan senioren met een hulpvraag worden gekoppeld. “Ouderen hebben veel levenservaring waar de jongere generaties van kunnen leren. Wij willen met dit project de zelfredzaamheid onder senioren vergroten. Het kan zijn dat een senior hulp nodig heeft met de computer, dat een senior hulp nodig heeft met het gebruik van een OV-chipkaart of dat iemand zijn vrouw is overleden die altijd kookte en dus moet leren om zelf een maaltijd klaar te maken.”

Foto: Stichting SeniorenStudent

Het helpen van senioren wordt met de komst van de Stichting zowel betaald als vrijwillig aangeboden. Op vrijwillige basis is het de bedoeling dat de student in ieder geval zes uur per maand op bezoek gaat bij de senior. Daarbij wordt er een jaar lang gewerkt aan concrete doelen en is het de intentie dat het sociale netwerk van de senior wordt vergroot. “Daarnaast gaan ze ook op pad, maken ze een wandeling of gaan ze gezellig samen koken en eten. Het is de bedoeling dat het leven van deze senioren na een jaar duurzaam is veranderd. Wat we wel zien, is dat veel studenten na zo’n jaar op bezoek blijven komen. Door het hechte contact wordt zo iemand een beetje je opa of oma in je studiestad.”

“Zorgbehoeftes van ouderen verschuiven naar het sociale vlak”

Naast het één op één contact worden er ook uitjes georganiseerd zodat senioren die in dezelfde omgeving wonen elkaar leren kennen. Er wordt gewandeld of ze gaan naar de schouwburg. Een van de mooiste reacties die de stichting heeft gehad, is van een oudere man die erg ziek was. “Hij zei dat hij dankzij zijn student de laatste jaren van zijn leven als heel mooi heeft ervaren. Zonder de student was hij er niet meer geweest, zei hij. Ook was er een vrouw die veel was afgevallen en niet voor zichzelf kon zorgen. Ze werd steeds zieker en had bijvoeding nodig. Een student heeft haar zover gekregen om in het wijkcentrum te gaan eten. Inmiddels gaat ze daar nu zelf een paar keer per week naartoe en is de bijvoeding niet meer nodig.”

Het zijn vaak de kleine dingen die een grote impact hebben, aldus Anne. Zij ziet dat de zorgbehoeftes van ouderen steeds meer naar het sociale vlak verschuiven. “Het is met name de digitalisering die veel ouderen niet kunnen bijbenen. Hierdoor raken ze in een isolement. Veel van de fysieke en financiële klachten hebben eenzaamheid als oorzaak. Sommige senioren hebben vrijwel geen mensen om zich heen.”