Eerste lokale vorst in het najaar gemeten

Foto: ANP

Voor het eerst dit najaar is lokaal vorst gemeten. Op weerstation Twenthe (op het vliegveld bij Enschede) koelde het in de nacht van zaterdag op zondag om 01.40 uur af naar -0,4 graden, zo meldt Weeronline. De laatste keer dat het in ons land dit jaar vroor was op 16 mei. In Hupsel (Gelderland) daalde het kwik toen naar -0,3 graden.

Aan de grond is tot dusver op meer plaatsen sprake van lichte vorst. De laagste temperatuur op 10 centimeter hoogte werd ook gemeten in Twenthe. De temperatuur daalde bij de grassprietjes naar -3,0 graden. Komende uren kan de temperatuur nog verder dalen. Op 20 september 2020 vroor het al voor het eerst dit seizoen aan de grond. Twenthe had toen de primeur van de eerste lokale grondvorst na de zomer.

De meest vroege datum voor de eerste lokale vorst in het najaar is 15 september 1971. Op KNMI-meetstation Deelen (Gelderland) daalde de temperatuur toen naar -0,1 graden. Een dag later dat jaar kwam het op meerdere plaatsen tot vorst. In Soesterberg daalde de temperatuur naar -2,2 graden en in Winterswijk werd het zelfs -2,4 graden. Ook De Bilt had vorst met -0,4 graden en daarmee was het de meest vroege officiƫle vorstdag na de zomerperiode.

In 2000 duurde het tot ver in december voordat het ergens in het land vroor. Pas op 16 december daalde de temperatuur in het zuiden van het land tot onder nul. Het koudst was Gilze-Rijen met -1,8 graden. Een dag later noteerde ook De Bilt een vorstdag en daarmee was 17 december 2000 de meeste late officiƫle vorstdag ooit.