Horecaondernemers boos over belastingaanslag voor gebruik pand

Foto: ANP

Ondernemers in de horeca en evenementenbranche vinden het onterecht dat ze een belastingaanslag krijgen voor het gebruik van hun pand, terwijl ze deze vanwege de coronacrisis niet mogen gebruiken. Dat schrijft de Telegraaf. Een Utrechtse nachtclubeigenaar is een proefproces gestart tegen de gemeente om de gebruikersheffing van de onroerendezaakbelasting (ozb) aan te vechten.

“We zijn op last van de overheid al ruim een jaar gesloten. En dan moet ik 1800 euro belasting betalen voor het gebruik van datzelfde pand dat ik niet mag gebruiken. Volstrekt oneerlijk”, zegt nachtclubeigenaar John Zijlstra tegen de krant.

De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) zegt begrip te hebben voor het sentiment, maar wijst op het gelijkheidsbeginsel. “Het klinkt heel oneerlijk, maar bij de belastingwetgeving geldt dit beginsel en dat houdt in dat je iedereen gelijk moet behandelen. Je kunt de heffing niet voor een bepaalde groep ondernemers kwijtschelden. Als je kwijtscheldt, dan geldt dat voor alle ondernemers”, verklaart Reinier Kunst, adviseur belastingzaken bij VNG. Gemeentes die de belasting kwijtschelden lopen hierdoor ook belasting mis van ondernemers die minder worden beperkt door de coronamaatregelen, zoals supermarkteigenaren.

De Landelijke Vereniging van Lokale Belastingen (LVLB) zegt tegen De Telegraaf dat er vanuit de fiscaliteit geen grondslag is voor aanpassing of kwijtschelding van de ozb-aanslag voor gebruik van zakelijk vastgoed. Daarnaast zouden ondernemers door de coronamaatregelen niet zozeer beperkt worden in het gebruik van hun pand, maar in het exploiteren van hun zaak. “Het pand staat de gebruiker immers nog steeds ter beschikking, bijvoorbeeld voor opslag, om onderhoud te verrichten of voor koffie to go”, aldus de vereniging.

Horeca-adviseur Arnold van Dijken, die de nachtclubeigenaar bijstaat in het proefproces, wijst op een arrest van de Hoge Raad uit 2018 waarin staat dat dit niet voldoende is om de aanslag onroerendezaakbelasting te handhaven. “De gebruiker moet het ook kunnen exploiteren en daar is bij uitbaters van cafĂ©s of discotheken geen sprake van. Daarmee is de heffing dus onterecht opgelegd”, zegt Van Dijken.