Bestemming afgeroomd budget huisartsen en wijkverpleging onbekend

Foto: ANP

Het ministerie van Volksgezondheid (VWS) wil niet zeggen waar de 680 miljoen euro naartoe gaat die het wil weghalen bij de wijkverpleging en de huisartsenzorg. De afroming van de 600 miljoen euro bij de wijkverpleging en de ongeveer 80 miljoen euro bij de huisartsen staat in een uitgelekte conceptversie van het Integraal Zorgakkoord (IZA).

“Het Integraal Zorgakkoord zet in op versterking van de eerstelijnszorg”, zegt een woordvoerder van zorgminister Ernst Kuipers. Daarmee zegt hij echter niet expliciet dat die 680 miljoen euro daar ook concreet naartoe gaat. Eerstelijnszorg is zorg waar iedereen zonder verwijzing naartoe kan. Het gaat bijvoorbeeld om zorg van een huisarts, tandarts of fysiotherapeut.

Het doel van het IZA is wel om de groei van de uitgaven binnen de perken te houden, benadrukt de woordvoerder. “Daarnaast willen we dat het geld dat op de plank ligt effectief wordt besteed.” Al jarenlang worden de beschikbare budgetten voor zowel de wijkverpleging als de huisartsenzorg niet allemaal uitgegeven, verduidelijkt de woordvoerder.

Voor de wijkverpleging was in elk van de laatste drie jaar ruim vier miljard euro beschikbaar. Voor de huisartsenzorg was dit ruim drie miljard euro per jaar. Deze macrobudgetten waren vastgelegd in de hoofdlijnenakkoorden 2019-2022 voor beide zorgsectoren. De bedragen zijn exclusief indexatie voor loon- en prijsontwikkeling. Ook voor andere sectoren heeft het vorige kabinet dergelijke hoofdlijnenakkoorden gesloten. Die lopen allemaal eind dit jaar af.

Dit kabinet wil geen aparte afspraken per sector meer, maar een akkoord met alle zorgpartijen samen. “We zien overal een toenemende zorgvraag. Die moet integraal worden benaderd. Daarom wil dit kabinet een integraal akkoord”, zegt de woordvoerder van Kuipers. Verder wil hij niet op de inhoud van het uitgelekte stuk ingaan, want dat moet nog aan de onderhandelingstafel worden besproken. Het kabinet wil volgende maand een akkoord met de zorgsector sluiten.

Naast financiĆ«le, worden ook inhoudelijke afspraken gemaakt. Die gaan onder meer over samenwerking tussen gemeenten – die verantwoordelijk zijn voor maatschappelijke ondersteuning en jeugdzorg -, over de huisartsenzorg en de ggz. Ook over de herschikking van het zorglandschap en de concentratie van zorg komen afspraken, net als over digitalisering en gegevensuitwisseling.

Het akkoord moet echter ook geld opleveren, schreef Kuipers in mei aan de Kamer. Het moet leiden tot een bezuiniging van 1,3 miljard euro in 2026.