Waardering stations iets lager, Klimmen-Ransdaal weer op 1

Foto: ANP

De algemene waardering van reizigers voor de Nederlandse treinstations is vorig jaar iets gedaald ten opzichte van het jaar ervoor. De stations werden door de ruim 83.000 deelnemers beoordeeld met gemiddeld een 7,2. Dat is een tiende lager dan in 2022, melden ProRail en NS in de jaarlijkse stationsranglijst. Het Limburgse treinstation Klimmen-Ransdaal staat net als vorig jaar op een.

Klimmen-Ransdaal, op de Zuid-Limburgse Heuvellandlijn kreeg een 8,7, het hoogste cijfer ooit. Het station werd vorig jaar, in 2019 en 2020 ook al als beste beoordeeld. “Reizigers waarderen dit station om zijn mooie ligging in het heuvelige landschap en door het monumentale stationsgebouw uit 1913 met restaurant en terras op het perron”, aldus de NS. Aan dezelfde lijn is ook de nummer twee Schin op Geul (8,2) te vinden. Station Mantgum in Friesland is op nummer drie geëindigd (8,2).

Het meest deprimerende station vinden de reizigers nog altijd Lage Zwaluwe met een cijfer van 4,6. “Ondanks verbeteringen, zoals vernieuwing van het perron en de verlichting, blijven reizigers het station sfeerloos vinden”, aldus de NS. Het station ligt op afstand van het dorp en naast de snelweg. NS en ProRail doen onderzoek hoe ze het station kunnen verbeteren. Ook Den Helder Zuid ontving een onvoldoende van reizigers (5,4).

Na zeven jaar van geleidelijke stijging is er voor het eerst een lichte daling te zien in de algemene beoordeling. Reizigers gaven stations in 2022 een gemiddeld rapportcijfer van 7,32. In 2021 was dat 7,31 en in 2016 was dat nog 6,94. De daling van 2023 ten opzichte van 2022 is volgens de vervoerder te verklaren door het toenemende aantal reizigers na corona. “Stations werden drukker, wat invloed heeft op de waardering, terwijl het tijdens de coronajaren met weinig reizigers juist rustig was op het station. Ook de terugkeer van de forens na veel thuiswerken heeft invloed op de score. Die is doorgaans kritischer op zijn station dan reizigers die een dagje uit zijn.”