DE BILT (ANP) - De stijging van de gemiddelde temperaturen in Nederland gaat nog iets sneller dan in de hoge scenario's die het KNMI eerder opstelde. In het eerste kwart van deze eeuw werd het in ons land 1 graad warmer. Dat komt neer op 0,4 graad per tien jaar, becijfert het instituut in een donderdag verschenen rapport.
In de klimaatscenario's die het instituut in 2023 uitbracht, werd bij een hoge uitstoot van broeikasgassen uitgegaan van 0,33 tot 0,36 graad opwarming per tien jaar tussen 2005 en 2050. "Intussen neemt de wereldwijde uitstoot van CO2 nog steeds toe. Dat betekent dat de afspraken in het Klimaatakkoord van Parijs steeds lastiger te realiseren zijn", schrijft directeur Maarten van Aalst in het rapport De Staat van ons Klimaat. Hij concludeert dat er "werk aan de winkel is".
Volgens het rapport komt 2025 op plaats zes van warmste jaren in Nederland sinds 1901. Daarmee is het voor het eerst zo dat alle tien de warmste jaren in de huidige eeuw liggen. Op 2022 na was 2025 het zonnigste jaar uit de reeks. Het was ook zeer droog.
Correctie
Nederland kreeg afgelopen jaar te maken met twee hittegolven. Dat gebeurde deze eeuw drie keer eerder: in 2006, 2018 en 2019. De kans op een hittegolf is volgens de onderzoekers nu drie keer zo groot als vorige eeuw.
Het KNMI stelde afgelopen week op basis van nieuwe inzichten historische cijfers bij, waardoor het aantal hittegolven sinds 1901 nu uitkomt op 39. Dat zijn er zeven meer dan na de vorige correctie. Tellingen van hittegolven zijn "heel gevoelig voor kleine veranderingen", legt het instituut uit. Een verschuiving van 29,9 graden naar 30 graden kan het verschil maken.
La Niña
Dat in 2025 geen warmterecord is gevestigd, is geen verrassing. De wereld had te maken met klimaatfenomeen La Niña, waarbij veranderingen in oceaanstromingen tijdelijk voor afkoeling zorgen. Toch werd het een van de drie warmste jaren ooit gemeten.
Door hitte en droogte waren vorig jaar op veel plaatsen natuurbranden. In Europa ging een recordoppervlakte van ruim een miljoen hectare in vlammen op. De warmte had ook invloed op het zee-ijs in het Noordpoolgebied: dat was sinds het wordt gemeten nog nooit zo bescheiden in omvang.
Het KNMI houdt zorgen over oceaanstromingen die door klimaatverandering in kracht lijken af te nemen. Als de Atlantische Meridionale Omwentelingscirculatie (AMOC) die warm water aanvoert stilvalt, krijgt Nederland met extreme kou te maken. De kans dat dit gebeurt, schat het KNMI op 25 procent als de wereldwijde opwarming bij 2 graden blijft steken.