Chinese beurzen lager ondanks verrassende renteverlaging

Foto: ANP

De Chinese aandelenbeurzen gingen dinsdag omlaag. Beleggers verwerkten een reeks van tegenvallende macro-economische cijfers uit China. Zo stegen de winkelverkopen en de industriële productie vorige maand minder sterk dan verwacht. Kort voordat de cijfers bekend werden gemaakt kwam de Chinese centrale bank met een verrassende renteverlaging. Door de leenkosten goedkoper te maken hopen de beleidsmakers het kwakkelende economische herstel in het land aan te jagen. China kampt onder meer met een crisis in de vastgoedmarkt en zwakke uitgaven van consumenten.

De rente op een leningen met een looptijd van een jaar werd verlaagd van 2,65 procent naar 2,50 procent. Het was de tweede renteverlaging in drie maanden tijd. Beleggers waren echter niet onder de indruk van de stap van de Chinese centrale bank. De Hang Seng-index in Hongkong zakte 0,8 procent en de beurs in Shanghai verloor 0,3 procent.

Ook bleek dat de Chinese werkloosheid in juli is gestegen tot 5,3 procent. Het Chinese statistiekbureau liet daarbij weten voorlopig geen cijfers meer bekend te maken over de jeugdwerkloosheid vanwege de noodzaak om de verzameling van de gegevens te verbeteren. De stap komt nadat de jeugdwerkloosheid in juni was gestegen tot een record van 21,3 procent.

De Nikkei in Tokio liet wel een winst zien en klom 0,8 procent. De stemming werd gesteund door een sterker dan verwachte groei van de Japanse economie. Die groeide in het tweede kwartaal met 1,5 procent ten opzichte van het vorige kwartaal. Op jaarbasis kwam de groei uit op 6 procent. Daarnaast lieten de Japanse chipbedrijven stevige winsten zien dankzij de opmars bij de Amerikaanse branchegenoten. Zo stegen chiptester Advantest en de maker van chipapparatuur Tokyo Electron ruim 2 procent.

De All Ordinaries in Sydney klom 0,5 procent. Uit de notulen van de laatste rentevergadering van de Australische centrale bank bleek dat de beleidsmakers met het huidige renteniveau een “geloofwaardige” weg zien om de inflatie terug te dringen naar de doelstelling. Bij het vorige rentebesluit hield de centrale bank de rente ongewijzigd op 4,1 procent. In Zuid-Korea hadden beleggers een vrije dag.