FSC waarschuwt voor risico’s in commerciële vastgoedsector

Foto: ANP

De risico’s in de commerciële vastgoedsector dienen goed gemonitord te worden. Daarvoor waarschuwt een comité van medewerkers van De Nederlandsche Bank (DNB), de Autoriteit Financiële Markten (AFM) en het ministerie van Financiën, dat zich buigt over de financiële stabiliteit in Nederland.

Hoewel kredietverliezen volgens het zogeheten Financieel Stabiliteitscomité (FSC) nog niet tot uiting komen in de sector, kunnen risico’s vertraagd doorwerken waardoor alertheid geboden is. Het Europees Comité voor Systeemrisico’s (ESRB) waarschuwde eerder dit jaar al voor risico’s in de commercieel vastgoedmarkt en heeft toezichthouders aanbevolen om deze goed te monitoren.

Tot dusverre zijn er in Nederland volgens het FSC weinig tekenen van toegenomen kredietrisico’s in de bankleningen voor commercieel vastgoed, zoals bedrijfspanden, winkelruimtes en woonhuizen die worden verhuurd of doorverkocht. De kans op wanbetaling is echter bij een deel van de kredietportefeuilles wel toegenomen, waardoor de verliezen in de toekomst zouden kunnen oplopen.

Ondanks de beperkte risico’s stelt het FSC dat vanwege mogelijke blinde vlekken waakzaamheid en monitoring van de sector van belang is. Bestaande databronnen geven namelijk een onvolledig beeld van de financieringsstromen in de commerciële vastgoedmarkt. Daarnaast komen cijfers met enige vertraging beschikbaar.

Door de aanhoudend hoge inflatie en de stijgende rentes constateert het FSC in zijn laatste vergadering verder dat de risico’s voor de financiële stabiliteit in Nederland relatief hoog blijven. De financiële markten zijn daarbij kwetsbaar voor correcties. Met het oog op de inflatie is het volgens het comité wenselijk dat sociale partners via een beheerste groei van winsten en lonen, en de overheid via begrotingsdiscipline, ook hun verantwoordelijkheid nemen om de inflatie naar beneden te brengen.

Het FSC constateert verder dat de Nederlandse bankensector zich weerbaar heeft getoond, maar benadrukt het belang van voldoende kapitaalbuffers. Wat betreft de woningmarkt stelt het comité dat de gemiddelde financiële positie van Nederlandse huiseigenaren de afgelopen jaren is verbeterd en dat risico’s ten opzichte van voor de financiële crisis duidelijk kleiner zijn. Op de huizenmarkt is wel afkoeling zichtbaar, maar de prijsdaling wordt daarbij geremd door een beperkt aanbod en stijgende lonen.