AMSTERDAM (ANP) - De huizenprijzen zullen naar verwachting de rest van dit jaar niet meer stijgen, voorspelt ING in een rapport over de woningmarkt. In de grote steden blijft de huizenprijsontwikkeling naar verwachting achter bij het landelijk gemiddelde en zouden de prijzen kortstondig zelfs wat kunnen zakken, stellen de marktkenners van de bank. Na jaren van groei is het voor het eerst in lange tijd dat een bank verwacht dat de huizenmarkt niet verder groeit.
De belangrijkste reden is het oplopende woningaanbod, vooral van huurwoningen waar beleggers vanaf willen. Particuliere beleggers verkopen deze woningen omdat het door strengere regels en hoge belastingen nauwelijks nog rendabel is om te verhuren. Tegelijkertijd drukken de iets hogere hypotheekrente en een "voorzichtiger sentiment" de vraag licht.
Door eerdere prijsstijgingen aan het begin van het jaar komt de stijging in 2026 naar verwachting uit op ongeveer 1,5 procent. Ook volgend jaar zullen de huizenprijzen bescheiden stijgen, met ongeveer 2 procent.
Wet betaalbare huur
Veel beleggers zetten hun huurwoningen te koop, vooral in en rond de grote steden en in studentensteden. Naar verwachting blijft dat de rest van het jaar zo, waarna de verkoop van huurwoningen volgend jaar geleidelijk afneemt. Daarnaast komt er extra aanbod doordat meer nieuwbouwkopers verhuizen naar hun opgeleverde woning en hun bestaande woning te koop zetten.
ING voorziet dat het aantal verkopen van bestaande woningen dit jaar uitkomt op 240.000, vergelijkbaar met 2025. "Daarbij blijft het aantal naar verwachting net onder het recordniveau uit 2017, toen er 242.000 transacties waren", aldus de bank.
ABN AMRO waarschuwde eerder deze week dat de aangekondigde aanpassingen aan de wet betaalbare huur door woonminister Elanor Boekholt-O'Sullivan onvoldoende oplossingen bieden om de uittocht van beleggers te voorkomen. "Zolang de fiscale behandeling in box 3 ongewijzigd blijft, zullen particuliere verhuurders zich blijven terugtrekken uit de markt en krimpt het aanbod van betaalbare huurwoningen verder. Uiteindelijk betaalt de huurder de rekening", concludeerde de bank.