Vrijwel alle Nederlandse hoofdredacties en een meerderheid van de Nederlandse journalisten hebben in hun werk te maken met juridische druk. Dat blijkt uit een onderzoek van PersVeilig in samenwerking met Ipsos dat vrijdag werd gepresenteerd. Aan het onderzoek deden 33 hoofdredacties en 471 journalisten mee.
Vrijwel alle hoofdredacties (94 procent) geven aan ooit een dreigende brief, mededeling of telefoontje te hebben ontvangen waarin met juridische stappen is gedreigd. Ruim de helft (56 procent) van de journalisten in Nederland heeft te maken gehad met juridische druk tijdens hun werkzaamheden.
De druk bestaat bij journalisten vooral uit dreiging met juridische stappen, rechtszaken of schadeclaims. Het gaat ook om sommaties, de inschakeling van een advocaat, verzoeken tot verwijdering, aanpassing of tegenhouding van publicaties en klachten bij de Raad voor de Journalistiek. In bijna een op de drie gevallen wordt er naast juridische druk ook een andere vorm van druk uitgeoefend, zoals dreigen met fysiek geweld (16 procent) of negatieve publiciteit (16 procent).
Geen werkplezier
De druk komt overigens niet alleen van bedrijven of organisaties. Bij de hoofdredacties kwam in 42 procent van de gevallen de juridische druk van particulieren. Bij journalisten ligt dit aantal hoger: in de helft van alle gevallen wordt de druk uitgeoefend door particulieren. Bij journalisten komt 25 procent van de gevallen vanuit het bedrijfsleven en 8 procent van de gevallen van de overheid.
Bijna de helft van de respondenten zegt dat de gevallen waarbij druk wordt uitgeoefend impact hebben op het werkplezier. Daarnaast zegt 17 procent gezondheidsproblemen te ondervinden door de druk. Bijna de helft van de journalisten geeft aan de publicatie niet te hebben aangepast. Hoofdredacties geven aan in 61 procent van de gevallen publicaties aan te passen of niet te publiceren. Het gaat soms om kleine wijzigingen, zoals het achterwege laten van kleine details of bepaalde namen.