Steeds meer zieke werknemers lopen vast in conflict met werkgever

17 jun , 17:16Zakelijk
charlesdeluvio-Lks7vei-eAg-unsplash (1)
Het ziekteverzuim in Nederland is de laatste jaren licht gedaald. Achter dat cijfer schuilt een hardnekkiger probleem. Werknemers zijn langer ziek, steeds vaker door psychische klachten. En juist in die lange verzuimperiodes komt de verhouding met de werkgever vaker onder druk te staan. Experts zien een groeiende groep zieke werknemers die niet alleen met het herstel worstelt. Ze lopen ook aan tegen geschillen over re-integratie, loondoorbetaling of het oordeel van de bedrijfsarts. Opvallend genoeg blijft een groot deel van die spanningen buiten de officiële statistieken.

Verzuim daalt, maar duurt langer

De cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek schetsen op het eerste gezicht een geruststellend beeld. Het gemiddelde ziekteverzuim onder werknemers kwam in 2024 uit op 5,2 procent. Dat is iets lager dan het jaar daarvoor. Toch ligt dat percentage nog altijd fors boven het niveau van tien jaar geleden, toen het rond de 3,8 procent schommelde. En de daling is bedrieglijk. Vergelijk je het tweede kwartaal van 2025 met dezelfde periode een jaar eerder, dan is er juist weer een lichte stijging zichtbaar.
Belangrijker dan het totale percentage is de ontwikkeling eronder. Werknemers die ziek worden, zijn gemiddeld langer afwezig. In 2024 was een zieke werknemer gemiddeld ruim drie weken niet inzetbaar, zo'n 17 werkdagen. De belangrijkste oorzaak van dat langere verzuim zijn psychische klachten. Wie uitvalt met stress, overspanning of een burn-out, is gemiddeld zo'n 63 dagen uit de roulatie. Dat is veel langer dan bij de meeste fysieke klachten. En het zijn juist die lange trajecten waarin de verhouding tussen werknemer en werkgever onder druk komt te staan.

Psychische klachten als motor achter langdurig verzuim

Dat psychische klachten een steeds groter aandeel hebben in het verzuim, is geen incident meer. Het is een structurele trend. Onderzoek wijst uit dat ruim een kwart tot dertig procent van alle verzuimdagen samenhangt met stress of mentale klachten. In driekwart van de gevallen geven werknemers met psychische klachten aan dat het verzuim minstens deels met het werk te maken heeft. Hoge werkdruk, reorganisaties en personeelstekorten worden daarbij keer op keer genoemd als oorzaak.
Een opvallende ontwikkeling is dat psychisch verzuim niet langer vooral een kwestie is van oudere werknemers. Juist onder jongere werkenden neemt het aantal ziekmeldingen toe. Het gaat dan grofweg om de leeftijdsgroep van 25 tot 35 jaar. Zij melden zich vaker ziek door mentale overbelasting en prestatiedruk. Het UWV wees eerder al op het toegenomen aantal langdurig zieken door psychische aandoeningen, met name in de groep tot 40 jaar. Dat is volgens het instituut een belangrijke verklaring voor de instroom in de arbeidsongeschiktheidsregelingen.
De maatschappelijke kosten van dit verzuim zijn fors. Schattingen plaatsen de loondoorbetalingskosten voor werkgerelateerd psychisch verzuim op bijna vijf miljard euro per jaar. Voor een individuele werkgever lopen de kosten van een langdurig zieke medewerker al snel op tot enkele honderden euro's per dag. Die financiële druk speelt mee op de achtergrond. Want werkgever en werknemer verschillen vaak van mening over het tempo en de invulling van de terugkeer naar werk.

Het conflict dat niet in de cijfers verschijnt

Hier wringt het. Naarmate verzuim langer duurt, neemt de kans op wrijving toe. De werkgever wil voortgang zien in de re-integratie, mede vanwege de doorlopende loonkosten. De werknemer worstelt nog met herstel. Die ervaart de druk om terug te keren juist als belemmerend. Tussen die twee belangen staat de bedrijfsarts. Diens oordeel over de belastbaarheid wordt niet zelden door een van beide partijen betwist.
Je zou verwachten dat zulke conflicten zichtbaar worden in het aantal deskundigenoordelen dat het UWV afgeeft. Een deskundigenoordeel is een onafhankelijke beoordeling die werknemer of werkgever kan aanvragen als ze er samen niet uitkomen. Bijvoorbeeld over de vraag of iemand wel of niet kan werken. Of over de vraag of er voldoende aan re-integratie is gedaan. Maar het tegenovergestelde gebeurt. Een vergelijking van de eerste acht maanden van 2025 met dezelfde periode in 2024 laat een daling van het aantal deskundigenoordelen zien van zo'n 44 procent.
Dat lijkt paradoxaal. Stijgende verzuimduur, maar minder formele geschilbeslechting. De verklaring zit hem waarschijnlijk niet in minder conflicten. Het gaat om conflicten die zich op een andere manier afspelen. Veel meningsverschillen worden uitgevochten in de spreekkamer, in e-mailwisselingen en in gesprekken over het plan van aanpak. Er komt nooit een officiële aanvraag bij het UWV op tafel. Het conflict is er wel, maar het laat geen administratief spoor na. Daardoor onderschatten de officiële cijfers de werkelijke spanning in veel verzuimdossiers.

Waar het in de praktijk misgaat

In de praktijk komen die spanningen in een aantal terugkerende vormen naar boven. Een veelvoorkomend knelpunt is de loonstop. De werkgever zet de loonbetaling stop omdat hij vindt dat de werknemer onvoldoende meewerkt aan re-integratie. Voor de werknemer komt dat hard aan, juist op een kwetsbaar moment. En lang niet altijd is zo'n maatregel terecht of goed onderbouwd.
Een tweede bron van conflict is de bedrijfsarts. Werknemers voelen zich soms niet gehoord. Of ze hebben het gevoel dat de bedrijfsarts vooral de belangen van de werkgever dient. Wie het niet eens is met het oordeel kan een second opinion van een andere bedrijfsarts vragen. Ook kan zo iemand een deskundigenoordeel bij het UWV aanvragen. Maar veel werknemers weten dat niet of durven die stap niet te zetten.
Daarnaast speelt de re-integratie zelf. Soms gaat het de werknemer te snel en wordt aangedrongen op werkhervatting die medisch nog niet verantwoord voelt. In andere gevallen ontstaat onenigheid over het zogeheten tweede spoor. Daarbij wordt gezocht naar passend werk bij een andere werkgever. En steeds vaker mondt het geheel uit in een voorstel tot beëindiging van het dienstverband. De werkgever biedt dan een vaststellingsovereenkomst aan, vaak terwijl de werknemer nog ziek is. Dat is juridisch een gevoelig terrein. Een verkeerde handtekening kan grote gevolgen hebben voor het recht op een uitkering.

Vroeg ingrijpen voorkomt escalatie

Wat deze situaties gemeen hebben, is dat ze zelden vanzelf overgaan. Een conflict is in een vroeg stadium vaak nog met een goede brief of een onderbouwd standpunt te ontzenuwen. Maar na maanden van wederzijds wantrouwen groeit het uit tot een slepend dossier. Toch zoeken zieke werknemers vaak laat hulp. Sommigen denken dat zij tijdens ziekte automatisch beschermd zijn tegen ontslag. In de praktijk ligt dat genuanceerder dan veel mensen denken. Anderen willen de verhouding met hun werkgever niet verder onder druk zetten. Ze laten een onterechte maatregel daarom op zijn beloop.
Daar komt een verschil in macht bij. Een werkgever heeft stevige middelen in handen, zoals een loonstop. Een zieke werknemer staat dan al snel zwakker. Mede daardoor zoeken werknemers in complexe verzuimdossiers steeds vaker externe ondersteuning. Ze hebben moeite om hun positie te bepalen binnen de regels rond ziekte, re-integratie en arbeidsrecht. En ze willen weten waar ze staan voordat een conflict verder oploopt.
Op die groeiende behoefte is een markt van gespecialiseerde dienstverleners ontstaan. Naast advocaten en arbeidsjuristen zijn er partijen die zich specifiek toeleggen op verzuimconflicten. Een voorbeeld is MediRights, dat zich richt op werknemers die juridisch vastlopen tijdens ziekte. Dat soort partijen speelt in op een vraag die voorheen vooral bij vakbonden of rechtsbijstandsverzekeraars lag.

Een trend die voorlopig niet afneemt

Alles wijst erop dat de onderliggende druk voorlopig blijft. De vergrijzing, de krapte op de arbeidsmarkt en de toenemende mentale belasting van werkenden zorgen ervoor dat langdurig verzuim een hardnekkig vraagstuk blijft. Werkgevers worden bovendien strenger gecontroleerd op preventie en op hun verplichtingen rond verzuimbegeleiding. Dat wakkert de aandacht voor het onderwerp verder aan.
Voor de individuele werknemer betekent dit dat ziek zijn allang niet meer alleen een medische kwestie is. Wie langdurig uitvalt, krijgt te maken met een proces vol regels, beoordelingen en belangen. Die belangen vallen niet altijd samen met het eigen herstel. Experts en praktijkpartijen signaleren dat conflicten rondom langdurig verzuim vaker aandacht vragen. De officiële cijfers over deskundigenoordelen laten daar maar een deel van zien. Veel van de spanning blijft buiten beeld, in de spreekkamer en aan de onderhandelingstafel.
loading

Loading