Remko Vrijdag is vooral bekend van cabaretgroep De Vliegende Panters en tegenwoordig ook als misschien wel zijn bekendste typetje Mark Rutte. In de nieuwe thrillerserie De Eetclub op Netflix laat de acteur (54) een heel andere kant van zichzelf zien. "Het is precies waar ik een beetje op hoopte in deze fase van mijn loopbaan", vertelt Vrijdag in gesprek met het ANP.
In de op het boek van Saskia Noort gebaseerde dramaserie speelt Vrijdag de rol van Ivo, een zachtaardige, muzikale man uit een rijke familie in Bergen aan Zee. "Hij fungeert als spil binnen de eetclub, maar is een buitenbeentje binnen zijn eigen familie, omdat hij geen traditionele carrière in de advocatuur ambieert", zegt Vrijdag. "En veel meer kan ik er niet over zeggen, want we hebben een lijst gekregen met wel twintig spoilers die we vooral niet mogen noemen", lacht hij.
Dat De Eetclub een productie was voor de wereldwijde streamingsdienst Netflix, was ook op de set goed merkbaar, zegt Vrijdag. "Dat is wel echt een 'different cookie', hoor", grapt hij. "On-Nederlands qua crew en qua wat er allemaal mogelijk is. Dan werd er een aflevering voor testpubliek vertoond en als die mensen dan zeiden: 'dat einde, dat snappen we niet', dan werd het script aangepast en alles opnieuw gedraaid. Dat zal je in een andere Nederlandse productie zelden meemaken. Amerikaanse taferelen bijna."
Onzeker
Op de werkvloer liep Vrijdag bekende namen uit het Nederlandse acteervak tegen het lijf, zoals Loes Haverkort, Teun Luijckx en Rifka Lodeizen. "Vooraf kende ik eigenlijk niemand uit de cast persoonlijk. Daaraan zie je misschien wel dat ik echt uit een andere tak van sport kom", zegt hij. Een obstakel was dat niet. "Ik wilde nog weleens onzeker doen, van: oh, morgen speel ik die scène waarin ik moet huilen, als dat maar lukt. Dan zeiden de anderen: joh, dat komt wel goed."
Vrijdag, van wie op 22 november zijn solovoorstelling Marko Maandag in première gaat, is blij dat hij met deze rol kan laten zien dat hij naast cabaret nog meer in zijn mars heeft. "Ik was op een punt waarop ik dacht: volgens mij kan ik dat wel en wil ik dat ook wel heel graag. En toen kwam deze casting eigenlijk voorbij en kreeg ik die rol", zegt hij. "Voor mijn doen moest ik een beetje terugschakelen van groots uitpakken op het toneel naar klein en verstild spel, waarin elke minuscule beweging van je ogen al een verhaal vertelt. Het was even puzzelen, maar dat heeft heel goed uitgepakt. Ik vind het prettig dat ik voel dat ik het allebei in me heb."